ORB

Open Atelierroute De Baarsjes 2009
Zaterdag 10 en Zondag 11 oktober 2009 van 12.00 tot 18.00 uur

Henry Hudson 400 jaar


Henry Hudson 400 jaar
 
Het is dit jaar Hudsonjaar en daarom hebben wij een prijsvraag voor kunstenaars in De Baarsjes. Kunstenaars die een kunstwerk inlevert dat losjes als thema de ontdekkingsreizen van Hudson heeft (zie bijlage 'Wie was Henry Hudson'), komen te hangen in een speciale expositie in de Chassékerk tijdens de Open Atelier-weekenden.
Bovendien trekt het 'Hudsonteam' de buurt in om alle bewoners uit te nodigen om mee te doen aan de verkiezing van het mooiste en spannendste kunstwerk over Hudson. Dus jij kan ook stemen!
 
Persberichten, een lezing door een Hudsondeskundige met feestelijke prijsuitreiking en een gezellig drankje zullen zorgen voor een extra speciale expositie. Er zullen verschillende prijzen uitgereikt worden zoals materiaalvergoedingen, boeken en een hoofdprijs van € 250!
   

We zouden het heel leuk vinden als je meedoet!
Mocht je nog vragen hebben, neem dan contact op met
Annemarie Vink: 06 231 43 780 of Mirjam Berloth: 06 520 11 788.
   

WIE WAS HENRY HUDSON?

                                            

Henry Hudson was een ontdekkingsreiziger die maar één ding wilde: een korte route naar Azië vinden. De bestaande route naar Azië, via Kaap de Goede Hoop, was lang en gevaarlijk. De vloot had last van de hitte en langdurige windstiltes, om maar te zwijgen van de vele kapers die in het zuiden op de loer lagen. Er waren twee mogelijkheden om via het noorden naar Azië proberen te komen: noordwest, via Canada, of noordoost, rond Rusland.

Zoektocht 1 & 2
Hudsons eerste tocht, in 1607, was van een ongekende driestheid: hij probeerde niet via het westen of het oosten rond de pool te zeilen, maar er rechtstreeks overheen. Hij kwam tot zeshonderd mijl in de buurt van de pool, trotseerde stormen en een walvis die onder zijn schip probeerde op te duiken. Uiteindelijk moest hij in zijn logboek noteren: ‘Vanochtend zagen we dat we door overvloedig ijs omsloten waren…En dit is wat ik hier met zekerheid kan zeggen: …er is via deze weg geen doorgang.’
Ook zijn tweede expeditie via de noordoostelijke route in het voorjaar van 1608 mislukte, waarna zijn Britse opdrachtgevers hem aan de kant zetten.

Zoektocht 3
Hudson werd al snel ingehuurd door de Verenigde Oost-Indische Compagnie in Amsterdam en kreeg de Halve Maen toegewezen, een niet al te groot jacht van zo’n 85 voet (26 meter), met een bemanning van zestien personen.

                           

Op 4 april 1609 vertrok Hudson uit Amsterdam met de instructie een noordoostelijke route nemen, dicht langs de rand van de pool scheren, door de ijskoude wateren van noordelijk Rusland. Dus ging de Halve Maen noordwaarts, aanvankelijk in rustig vaarwater, maar dichter bij de pool zeilden ze een ‘dichte, zware storm’ in die alsmaar heviger werd. Op 19 mei krabbelde de stuurman in het logboek: ‘Veel problemen met de mist, zo nu en dan, en nog meer gevaar door het ijs… met veel wind en sneeuw en erg koud.’
De bemanning – half Engels, half Nederlands – raakte bitter verdeeld. Er hing muiterij in de lucht. Moesten ze omdraaien en terugkeren naar de haven, toegeven aan de mislukking? Of doorstoten, op welke wijze dan ook, een wisse dood tegemoet?
Dit was niet de eerste keer dat Hudson werd geconfronteerd met de voorbode van muiterij en het was ook niet voor het laatst. Hij had iets grimmigs, een zekere meedogenloosheid. Zijn belangrijkste eigenschap was standvastigheid, zijn enige droom die korte route naar Azië te vinden. Dus deelde zijn bemanning mee dat ze, tegen de VOC orders in, westwaarts gingen; de Atlantische oceaan over.
Hudson bedacht dat de beste route naar de Japanse zee dwars door, wat we nu weten, de immense oppervlakte van Noord-Amerika lag. Dit idee wordt iets minder absurd als we bedenken dat de beste berekening van de omtrek van de aarde toentertijd die van de Griekse geograaf Ptolemaeus was, die hem ongeveer een derde kleiner schatte dan hij in werkelijkheid is. Voor een zeeman als Hudson was het dus begrijpelijk te redeneren dat het gedeelte van de aarde waar nog niemand van wist – het westen van Amerika en het grootste deel van de Stille Oceaan – eenvoudigweg niet bestond.
Bij de kust van Noord-Amerika ging Hudson op zoek naar het kanaal waarvan hij geloofde dat het naar Azië zou leiden. Op vier september voeren ze ‘een zeer goede haven’ binnen waar ze ‘tien grote zeebarbelen van een halve meter stuk’ vingen, ‘en een rog zo groot als vier man binnen konden halen.’ Het was de haven van New York. Omdat de rivier die ze vervolgens opvoeren – de latere Hudson rivier – getijden heeft en dus zout is, had Hudson reden te geloven dat hij zich in een kanaal tussen twee oceanen bevond. De omgeving betoverde de mannen. ‘De rivier is anderhalve kilometer breed,’ schreef de stuurman, en ‘aan beide kanten is het land hooggelegen… Het is de meest perfecte landbouwgrond waar ik ooit in mijn leven voet op heb gezet.’
Ze kwamen op verschillende plekken inheemse bewoners tegen, en dreven handel met sommigen en vochten met anderen. Ze vervolgden hun tocht voorbij het eiland Manhattan en verder, helemaal tot ten noorden van het huidige Albany, waar ze zich realiseerden dat de rivierbedding steeds smaller werd en het water niet langer zout was. Dit was niet de route naar Azië. Hudson gaf het bevel om te keren. Ze voeren terug naar Europa.

Dat Henry Hudson op deze tocht de basis legde voor de stichting van Nieuw Amsterdam, het latere New York, daarvan was hij zich natuurlijk niet bewust. Voor hem was ook deze derde tocht een mislukking; hij had de route naar Azië niet gevonden. Maar hij gaf zijn droom niet op.

Zoektocht 4
Hudson vertrok nogmaals richting Noord-Amerika, ditmaal op zoek naar een noordwest passage die hij op een hogere breedte verwachtte te vinden, door noordelijk Canada heen. Hij fleemde en schold de bemanning door helse watervlaktes vol ijs heen, doof voor het steeds luidere koor van hun jammerklachten, tot, uiteindelijk, op 22 juni 1611, de door honger en scheurbuik verzwakte mannen er genoeg van hadden. Aan de zuidelijke rand van de uitgestrekte, ijskoude waterplas die later bekend zou worden als de Hudsonbaai, zetten ze Hudson, enkele bemanningsleden die loyaal aan hem waren, en Hudsons jongste zoon John, die de verkeerde reis gekozen had om zijn vader te vergezellen, overboord in een kleine sloep.

Een tijdlang nadat de muiters de zeilen hadden gehesen, konden ze de sloep nog dapper achter hen aan zien varen, maar het kleine bootje was niet voor zeereizen bedoeld; op den duur verloren de opstandige zeelui het uit het oog. Henry Hudson stierf een ijzige dood, slachtoffer van zijn eigen obsessie, mislukt in het behalen van het enige doel dat ooit iets voor hem betekende.

Zie ook:
http://www.henryhudson400.com/hh400_story.php
http://www.ianchadwick.com/hudson/hudson_03.htm
http://www.henryhudson400.com/uploads/fck/1609_devergetengeschiedenis(1).pdf




Organisatie Wink Einthoven, i.s.m. Stichting Stadskunst